Sofinesse

Een blik in mijn leven, op het leven, op de wereld en alles wat daar rond staat te springen

Vrouwen. En humor. september 30, 2010

Gearchiveerd onder: Er zijn zo van die dingen,Mens erger je niet! — sofinesse @ 8:41 pm

Ja, het is een moeilijke. Ik ken ongelooflijk veel grappige mensen en daaronder ook een gigantisch aantal onwijs grappige vrouwen. Maar toch, het wordt eerder gezien als ‘uitzonderlijk’. Borsten en echte humor, dat is zoals chocolade en kip (ge denkt, dat past niet samen, maar jummie – allez, dat heb ik toch van horen zeggen)

Nochtans dames, als wij onder elkaar zijn, dan wordt er meestal serieus wat afgelachen, toch? Ik bedoel maar, vrouwen ondereen, dat is vaak pijnlijke buikspieren van het gieren. Maar zet er een man bij. En de grap is weg. Anders. Wij verliezen plots een deel van ons grappig zijn. (Nee, dat is niet waar, dat lijkt alleen maar zo)

Zet vrouwen op een podium en het wordt nog een stapje erger. Ik ken redelijk wat comedians en over het algemeen gesproken zijn dat grappige mensen. Ik word zelfs op zeer regelmatige basis wakker naast een comedian (altijd dezelfde, voor u mij verdenkt van losbandig gedrag). Ik ken helaas maar weinig vrouwelijke comedians. Ze zijn er (en ze zijn goed!), maar ze zijn dun bezaaid. En ze moeten gewoon nog beter zijn, om een gelijkaardig lachsalvo te krijgen. Het wordt gelijk minder aanvaard.

En weet je waarom? Omdat het voor ons moeilijker is om grappig te zijn. Want mannen, die mogen haha en hoehoe doen over duizend dingen die uit onze mond algauw ‘plat’ lijken of ‘ongepast’. Onze intelligente humor is gewoon soms een stapje te ver voor een mannenbrein, dat is het. Ze kunnen niet tegen kritiek, dat is het. We mogen niet te veel lachen met hen, dat is het. We hebben de maatschappij nu al bijna helemaal overgenomen, maar mannenhumor, daar moeten we afblijven.

Weet je wat mij ongelooflijk vaak overkomt? Een mannengrap – in mijn hoofd. Tijdens drukke gesprekken op café of in andere testosteronomgevingen, springen ze in mijn hoofd. En ik weet pertinent zeker dat als ik twee ballen en een piemel zou hebben, die dingen in mijn hoofd echt kei grappig uit mijn mond zouden komen.

Als ik een man was, maat, ik zou echt te grappig zijn.

 

En hoe is’t nog? september 27, 2010

Gearchiveerd onder: Liefde — sofinesse @ 11:03 pm

Ca va is tegenwoordig mijn antwoord. En als mensen doorvragen, dan krijgen ze meer uitleg. Maar ik heb geleerd dat ik beter niet tegen iedereen elke pijler van mijn leven uitvoerig uit de doeken doe. Want veel mensen zeggen “hoe is’t?” maar bedoelen eigenlijk niet meer dan “Goeiendag – ik probeer hier nog wat een gesprek gaande te houden”.

Maar jij bent hier, jij leest dit, dus tegen jou mag ik het wel vertellen.

Wel, het ging eigenlijk goed. Een paar weken lang zijn we de diagnose van ‘hersentumor-levensverwoester-binnenkort geen oma meer’ bijna helemaal vergeten. Bijna. Cortisone is de goeddoener in dit geval. Voor zover ik mee ben, heeft die het vocht weggenomen in haar hoofd, waardoor de hersenen weer wat plaats kregen. En waardoor oma ook weer wat meer oma werd. Cortisone werd trouwens aangevuld met stralen, een gouden combinatie. Toch voor even.

Want ik zeg wel dat we de diagnose even vergeten zijn, maar dat is natuurlijk niet waar. Je denkt er altijd aan. Maar de ‘goede momenten’ beleef je bewuster. Want je weet dat die eindig zijn.

Bij je verjaardag moest ik denken, dit is de laatste keer dat we dit vieren. Als het dertig graden was – waar jij nooit van gehouden hebt – dacht ik, je gaat volgende zomer deze hitte niet meer moeten verdragen. Op de eerste schooldag van Mano dacht ik, je gaat de eerste schooldag van je eerste achterkleinkind nooit meer meemaken. En zo met duizend dingen.

Het ergste is dat ik aan je twijfel. Ik ben nooit zeker dat wat je zegt ook echt is. Dat je het echt zo bedoelt, dat je wel beseft wat je zegt. Want soms ben je zo normaal dat ik geen reden heb om te twijfelen. Maar soms zeg je dan ineens zoiets geks of compleet van de pot gerukt, dat ik twijfel of al het voorgaande ook niet aangetast is door een hersentumor. Ik vraag me trouwens ook af hoe lang dat beest jou al aan het aantasten is en wanneer ik de echte oma voor de laatste keer gezien heb. De oma zonder hersentumor. Jij.

En ik probeer om zo vaak mogelijk langs te komen, maar ik vind het ook moeilijk. Je bent veel helderder dan toen je pas in het ziekenhuis lag. Maar net omdat ik je niet elke dag zie, zie ik ook het verschil. Je hebt de laatste tijd veel minder energie en je gezicht zag er de laatste keer echt vreemd opgezwollen uit.

Lieve oma, om eerlijk te zijn heb ik al een klein beetje afscheid van jou genomen. Het beeld van die maandagavond, toen we je naar het ziekenhuis brachten en net een diagnose hadden, staat op mijn netvlies gebrand. Ik krijg dat niet meer weg. Het maakt me kwaad en verdrietig. Want ik wil nog niet leven in het verleden, maar ik merk dat ik me nu al vaak optrek aan herinneringen. Terwijl je er eigenlijk gewoon nog bent.

Ik voel gewoon dat jij niet zo heel erg lang meer bij ons gaat zijn. Het spijt me dat ik er niet genoeg ben. Het spijt me dat ik aan je twijfel. Het spijt me dat ik jouw hersentumor haat. Ik haat hem, want hij maakt mijn oma kapot. Jij.

 

Tandje trek september 22, 2010

Gearchiveerd onder: Kind en gezin — sofinesse @ 10:41 am

Een van de neveneffecten van het eerste leerjaar, zijn melktanden die uitvallen. De zoon heeft een panische angst voor alles wat met tandartsen te maken heeft (een gevolg van abcessen die hem vaak parten spelen) en is ook niet zo blij met dat hele wisselsysteem. De eerste melktand is er blijkbaar gewoon uitgevallen (ik was er niet bij), de tweede hing gisterenavond plots heel erg los.

Het zag er wel grappig uit, die ene hyperscheve tand (bijna horizontaal) in dat kleine mondje. Maar de zoon kon er niet bepaald mee lachen. Hij was doodsbang dat het heel erg veel pijn zou doen. De tranen rolden heel dik over zijn wangen. En hij verdedigde zijn tandterritorium zoals een leeuwin haar welpen. Ik had hem gevraagd om eens te mogen voelen hoe los de tand precies stond. Hij had net mijn neus niet afgebeten (waarschijnlijk was de losse tand dan meteen meegekomen en was hij er meteen vanaf geweest, maar soit :-) ). En weer tranen en verdriet.

Dan is dat plots toch weer gewoon een klein ventje van zes dat heel dicht op je schoot kruipt. We hebben uitvoerig getroost en geknuffeld. En erover gebabbeld.

De truc met de deur en het koordje is echt te gruwelijk. Maar ik had hem ook verteld dat toen mijn melktanden uitvielen, mijn oma er meestal gewoon aan trok met een zakdoek. Eventjes een heel klein beetje pijn – zo kort als een vingerknip, didactisch materiaal – en het is voorbij. Hij vond dat maar een vreselijke gedachte. Ik beloofde dat het maar even pijn zou doen en dat hij daarna niet meer bang hoefde te zijn. Maar het had weinig effect, die woorden.

Toen hij gekalmeerd was, was het bedtijd. Hij besliste om de tand te laten voor wat het was, misschien viel het ding er vannacht wel vanzelf uit. Dat is goed lieve schat, morgen een nieuwe dag.

Vanmorgen was hij een halfuur voor de wekker wakker. Hij stond met een zakdoek in de aanslag, klaar voor de strijd. “Trek maar Sofie, dan ben ik er ineens vanaf”. Hij had er een nachtje over geslapen en een verstandige beslissing genomen, mijn gedacht.

En ik heb getrokken. Heel even een heel klein snokje. Nog voor hij “Auw” kon zeggen, had ik de boosdoener al vast. In een fractie van een seconde was het voorbij. Er kwam zelfs geen bloed aan te pas.

Hij was zelf geschrokken en zei verstomd:

“Vanaf nu ga ik altijd naar jou luisteren, want jij hebt altijd gelijk.”

Kunnen we dat even op papier zetten alstublieft?

 

To do list, before turning 30 september 20, 2010

Gearchiveerd onder: Want zo ben ik — sofinesse @ 9:00 pm

Ok, ik ben er vroeg mee. Op dit moment zijn we ‘nog maar’ 26. Maar we kunnen het niet ontkennen, we gaan naar de dertig. En toen ik daarnet op mijn spinningfiets zat, begon ik plots te denken wat ik nog allemaal wil doen voor die 30 er echt is. In willekeurige volgorde.

THEATER: Mijn eerste grote liefde, waar het allemaal begonnen is. Waar is de tijd dat we vol idealisme naar de toneelschool trokken, nog compleet groen achter de oren, in de overtuiging dat het allemaal ging lukken? De waarheid was een lelijke tegenvaller, we waren namelijk niet alleen met die droom. En we hebben de zware selectie niet overleefd. (Ja, ik moest een bloedende stier spelen, sommige indianenverhalen zijn waar). Daarna heb ik me zo vol op de universiteit gestort, dat theater een beetje naar het achterplan is verschoven. Er is impro gekomen, maar ik verlang al lang weer naar een echt stuk. Iets om je tanden in te zetten. Ik wil weer echt in het theater kruipen en me er even in verliezen.

ANIMATIEFILM INSPREKEN: Dat is mijn grote droom. Het verenigt namelijk mijn twee grootste professionele liefdes: stemmenwerk en spelen. Het lijkt me hemels om te doen. Ik hoop dat er ooit zoiets op mijn pad komt en ik beloof er ook zelf actiever naar op zoek te gaan…

ZELFSTANDIGE in bijberoep: Ik hoop dat er een dag komt, dat ik genoeg opdrachten heb om zelfstandige in bijberoep te worden. Dat ik heel regelmatig reclamespots, voice-overs, presentaties en ander stemmenwerk kan doen. Nog veel regelmatiger dan nu. We werken er actief aan en het begint beter en beter te lukken.

NEW YORK: Ik wil gewoon heel graag eens naar The Big Apple. Ik kan niet verklaren waarom, maar die stad trekt mij aan. En bij voorkeur met het lief.

HUIS kopen: Redelijk onmogelijk op dit moment, om verschillende redenen. Maar desalniettemin mag een mens dromen en hopen. Ik hoop ooit mijn eigen dak boven mijn hoofd te hebben. En dat ik alles onder dat dak helemaal naar mijn smaak mag inrichten.

MOEDER worden: Dat is een levensdroom. Ik denk dat het ongeveer op mijn tiende is begonnen (of nog vroeger) en het wordt alleen maar erger. (Ja, de laatste tijd is er serieus sprake van nestdrang ten huize Sofie). Als er vroeger nog bepaalde angsten waren, dan heeft mijn fantastische pluszoon die allemaal weggenomen. Ja, ik wil kindjes. Niet nu meteen, maar ook niet veel te straks.

GELUKKIG zijn/worden/blijven: Het is niet mijn grootste talent. Ik verkort mijn leven elke dag door zoveel te stressen. Maar ouder worden maakt milder, toch? Er zijn een paar uitzichtloze dingen op dit moment, ik hoop dat die straat snel wordt opgebroken. Ik probeer elke dag blij te zijn om kleine dingen, maar de grote dingen mogen ook eens wat mee zitten. Ik geloof van geen kanten in God, maar mocht ge mij horen, ge moogt altijd een beetje helpen.

GENIETEN: Moet ik soms een beetje leren. Moet ik vaak een beetje meer doen. Een projectje voor mezelf.

Ik heb waarschijnlijk niet lang genoeg nagedacht over deze lijst. Morgen ga ik nog 17 dingen op de lijst willen zetten. Maar de dingen die er nu staan, duiken toch wel elke dag minstens een paar keer op in mijn gedachten. Afgezien van New York, dat duikt vooral op als ik naar Sex & The City kijk. :-)

Ik heb nog iets minder dan vier jaar de tijd om het allemaal te realiseren. Dat is misschien toch wel een beetje een krappe deadline. Maar je mag jezelf een beetje uitdagen toch?

En ja, als er mensen zijn die kunnen helpen mijn dromen te vervullen, dan sta ik daar voor open.

 

Dixit, a 6-year old IV september 15, 2010

Gearchiveerd onder: Kind en gezin — sofinesse @ 2:53 pm

De zoon heeft vorige week een aantal ‘mindere momentjes’ gehad. Moe, lastig omdat het schrijven van de 3 niet meteen supervlot ging (die tweede halve bol wilde altijd naar boven), boos omdat hij geen snoepje mocht of omdat het bedtijd was… Niks abnormaals, iedereen heeft wel eens een minder momentje. (Ik heb met stip zelfs volledige mindere dagen, dat is perfect normaal, me dunkt)

Zondagavond was het even kritiek geworden, met traantjes en al. Hij was ook dingen beginnen te zeggen als “Het is hier ook nooit leuk” (een uur geleden vond je het hier nog superleuk – tiens, was dat een ander kindje?) of “Ik moet ook altijd gaan slapen” (tuurlijk schat, elke avond ongeveer).

We hebben er even over gepraat, geknuffeld en toen was het over. En dan gebeurt er plots iets waar je niet van terug hebt.

“Papa en Sofie, gaan jullie eens even op een rij naast elkaar staan?”

Sofie en papa gehoorzamen gedwee.

“Weet je wat ik nog mis? – Een lach op jullie gezicht.”

Ja maat, patat seg.

 

De supermarkt-trip september 12, 2010

Gearchiveerd onder: Mens erger je niet! — sofinesse @ 11:13 am

Ik ging gewoon even naar de supermarkt, samen met Mano. De hele winkelsessie is perfect normaal verlopen, tot we aan de kassa komen. Ik was de zware dingen op de band aan het zetten, Mano de lichtere. Teamwork. Ondertussen vertellen we stoere verhalen tegen elkaar, alles gaat goed. Tot een mevrouw naast ons begint te roepen.

“Eej, eej.”

Terwijl ze deze diep dialectische klanken uitstoot, tikt de mevrouw met haar vinger op haar tong en rolt tegelijkertijd met haar ogen naar de zoon. Ik probeer het allemaal een beetje te negeren en laad gewoon rustig verder de band vol. Maar ze geeft niet af, dat wijf.

“Ela, da kind. Wa ‘d een frank blad is da joeng.” (Ze rolt nog eens met haar ogen naar de zoon en doet dat vieze ding met haar tong)

En toen moest ik opletten dat ik niet over de rij was gesprongen, het rek met snoep en kauwgom had omgegooid en die mevrouw een djoef op haar muile had verkocht. Ik heb het niet gedaan, maar ze had het verdiend. Hoe kunnen mensen nu niet het verschil zien tussen het rolletje dat hij speelt op tv en het onschuldige kind dat hij in het echt is? Tss. Trut.

En als u dacht dat dat het spectaculairste was van onze boodschappentrip, dan heeft u het goed mis. Er komt namelijk nog een trip aan. De cassière – een vrouw van begin 20, met een bros en op haar rechteronderarm een reuzetattoo (genaamd ‘H.’ – en ik denk niet dat H. haar eigen naam was) – begint te praten met de kerel die achter mij staat, terwijl ze mijn koopwaar inscant. Dat die kerel alleen vier kartons bier van het witte product op de band heeft staan, doet hier uiteraard niks ter zake. De kassierster spreekt:

“Eej maat, wa was da de vrijdag. Amai man, straf spul. Ik dacht eerst, wat is da voor saaien boel, ik voelde niks.”

-“En toen had ge er nog eentje gepakt, toch ni?”

“Neeje, ineens boem wast daar. Joeng, ik begon te trippen. Ik dacht da’k aan’t vliegen was.”

-“Ja, da is goeie stuff. Ik zen er oek zot van.”

Er volgde een gesprek waarbij de stuff besproken werd, inclusief alle (waarschijnlijk gewenste) neveneffecten. De kerel met de vier kartons bier van het witte product, stond er schaapachtig bij te lachen. Hij zag eruit alsof hij de stuff een uur geleden nog eens had gebezigd. Toen waren al mijn spullen ingescand en moest ik betalen.

“Spaart ge de zegeltjes?”

-”Euh nee” (zei ik nog wat verbouwereerd, na het gesprek over de stuff)

De kassierster moet moet mijn verwarring opgemerkt hebben en gaf gauw nog even wat uitleg bij het gesprek.

“Ja, ik was vorige week naar een feestje geweest. En ze hadden iets in mijn drinken gedaan. Trippen man.”

Voor ik de boodschappen uitlaad, ga ik toch even checken of ze er geen stuff heeft ingedaan. Want met die kassiersters van tegenwoordig, weet je maar nooit.

 

Eerste leerjaar puberteit september 10, 2010

Gearchiveerd onder: Kind en gezin — sofinesse @ 11:23 am

De zoon is een beetje teleurgesteld in dat hele eerste leerjaar-gedoe. We hebben misschien iets te vaak gezegd dat hij nu een grote jongen is, want hij neemt het nog al letterlijk.

Hij had gedacht dat de wereld voor hem volledig zou opengaan. Hij verwart het eerste leerjaar op dit moment een beetje met achttien worden. Zo is hij behoorlijk teleurgesteld dat hij niet zomaar met zijn fiets overal naartoe mag rijden. Hij vindt ook dat de tijd nu volledig rijp is om zelf met vrienden af te spreken en regelt dan ook maar gewoon afspraakjes. (Wij gaan uiteraard niet akkoord, wij regelen nog steeds play-dates, mocht u daar aan twijfelen). Hij vindt nog net niet dat het tijd is om zijn rijbewijs te halen (puur praktisch probleem trouwens – hij kan nog niet aan de pedalen)

Het wordt nog erger. Meneer is namelijk helemaal klaar voor een relatie. Ik noteer maar een paar flarden van gesprekken die hier aan de keukentafel passeren.

“Ja C., daar ben ik nog mee samen geweest. Maar nu heeft ze een ander lief.”

Ik weet niet wat het is bij de jongens van het eerste leerjaar, maar ze praten over meisjes alsof het handelswaar is.

“ C., die is nu van M. Ook al is C. zelf op R. verliefd. En eigenlijk ben ik ook weer op C. Het was eerst over, maar nu is het terug.”

- Sofie: “Maar ik dacht dat je op T. verliefd was?”

“Ja, ik ben ook nog op T. verliefd. Je kan toch op twee meisjes tegelijkertijd zijn?” (dat kan, maar ik raad het je niet aan in je verdere leven – twee vrouwen de baas kunnen, good luck)

Een paar maanden geleden had hij trouwens al beslist om in Afrika te gaan wonen. Hij had vernomen dat je daar met meerdere vrouwen tegelijkertijd mocht trouwen en dat idee leek hem wel wat.

En deze week heeft hij zelfs gevochten om een meisje, iets wat ik uiteraard afkeurde. En dat heb ik hem ook voorzichtig maar duidelijk gezegd. Het antwoord van de 6-jarige:

“Tja, mannen zijn mannen he.”

En wat is het volgende? Baard in de keel en puisten?

 

Achter de haag september 7, 2010

Gearchiveerd onder: Kind en gezin — sofinesse @ 11:44 am

Wij wonen heel erg dicht bij de school van de zoon. Zo dicht dat we van in de living de speelplaats kunnen zien. We moeten dus maar gewoon de straat oversteken en we zijn er al.

Dat is lekker handig denkt u. Uiteraard, maar ook gevaarlijk. Want precies omdat ge zo dichtbij woont, durft ge wel al eens te laat te zijn. Ge denkt namelijk altijd “we hebben nog wel efkes, we moeten maar just ‘t straat oversteken”. En dat is gevaarlijk, zeker met mijn lief en zijn Latijns Amerikaanse chill-relax-temperament.

(En ja, ik besef dat het belachelijk is om hetzelfde traject vanuit Gent te doen. 75 km tegenover 25 meter. Dat is compleet belachelijk. Maar ik blijf het er moeilijk mee hebben – ik droom nog altijd van een helikopter)

Maar enfin, ik breng vanmorgen de zoon dus nietsvermoedend naar school. Bij de haag vlak voor de ingang, word ik plots overstelpt met kusjes en knuffels. Fijn, denk ik.

Maar na deze aanval van tederheid, draait de zoon zich bruut om en wuift mij uit. Ik zeg “Maar allez schat, ik zal nog wel meegaan tot aan de klas hoor”. (Zoals we dat in de kleuterschool altijd deden)

Ik krijg prompt nog een dikke kus. En dan komt de aap uit de mouw.

“Ja, dat is wel niet cool he, als ge uw mama een kus geeft op de speelplaats. Mijn vrienden moeten dat niet zien he.”

Jaja, nu al vakkundig weggewerkt achter de haag. Ik dacht dat dat pas zou beginnen als je hen gaat afhalen van een fuif of zo. Over een jaar of tien.

 

Sportieve kakmadammen september 6, 2010

Gearchiveerd onder: Bewegen,Mens erger je niet! — sofinesse @ 12:59 pm

Deze zomer heb ik het eigenlijk redelijk laten hangen op sportief vlak. Het was eerst te heet, daarna te druk, teveel vakantie of ik kon gewoon niet weg. Omdat het lief gaan werken was en de zoon niet mee kan bijvoorbeeld (toch niet in Ekeren). Enfin, het was altijd wel iets.

Ik heb met Mano trouwens eens een heel weekend doorgebracht in Gent, wij met ons tweetjes. Ik had allerlei leuke dingen gepland, zoals een musicalvoorstelling, een massagevoetbad, een ijsje op de Graslei…En ga zo maar door. Toen ik hem op het einde van het weekend vroeg wat hij het leukste vond, antwoordde hij doodleuk: “Toen jij ging sporten en ik daarbij mocht zitten en op de Nintendo mocht spelen”. Mannen he. (Tja, zelfs een Nintendo-ei heeft zijn verslaving niet kunnen temperen.)

Maar sport dus, ik ben deze zomer niet veel verder geraakt dan één of twee keer per week. Dat is voor mij een heel slecht gemiddelde, eentje dat ook danig op mijn systeem werkt. Deze week ben ik weer een beetje in gang geschoten, met sport in Gent en in Antwerpen. (ja, ik ben decadent met twee fitnessabonnementen)

Het is een wereld van verschil. In het fitnesscentrum in Gent zit ik al jaren, het is daar leuk en gemoedelijk. Mensen van verschillende slag, mensen van verschillende sportiviteit, maar relatief ok. In Ekeren niet. Want Ekeren ligt dicht bij Brasschaat. En ik wil echt niemand beledigen, maar dat is gewoon een totaal ander publiek. Ik ben in de Health City sowieso meestal de jongste die meedoet. En ook de enige die niet met een BMW/Lexus/Audi of Mercedes onderweg is. Het merendeel van de andere vrouwen zijn – mijn excuses voor de woordkeuze – kakmadammen.

Als ge komt sporten in uw sjiekste jogging en niet echt wilt zweten omdat uw kapsel daar kan onder lijden, dan vind ik niet dat ge echt goed bezig zijt. Maar dat is mijn mening.

Ik ga dus echt om te sporten, maar ook wel om te observeren. Al die vrouwen die er piekfijn uitzien en die mij bekijken alsof ik van een andere planeet kom (omdat ik meestal op mijn blote voeten sport) dat is een bijzonder interessant schouwspel. Het lijkt me trouwens heel vervelend om te sporten met een gigantische juwelenwinkel aan je lijf en een compleet opgemaakt gezicht. Maar opnieuw, dat is mijn mening.

Gisteren was er zelfs een mevrouw die heel erg overduidelijk een paar facelifts achter de rug heeft. Ik kon er mijn ogen niet vanaf houden. Ze leek zelfs een beetje op die catwoman, het was echt spectaculair.

Enfin, dat moest er gewoon allemaal even uit. En hey, ik ben ook niet perfect.

Ik kan vandaag zelfs nauwelijks op een elegante manier rechtstaan. Alles doet pijn. Melkzuur en zo.

 

En toen ging hij naar het eerste leerjaar september 1, 2010

Gearchiveerd onder: Kind en gezin,Liefde,Rapporteren — sofinesse @ 9:20 pm

1 september. Een historische dag. De dag van het eerste leerjaar.

Onze zoon zit een beetje in een speciale situatie (met twee mama’s en twee papa’s). Dus wij stonden vanmorgen met z’n vieren (het lief, ik, de ex-vrouw van het lief en haar nieuwe vriend) klaar om hem uit te wuiven (eigenlijk zelfs met vijf, want Mano’s 1-jarig zusje heeft ook flink mee gewuifd). Over een gebrek aan aandacht mag hij alvast niet klagen.

De zenuwen stonden bij mij al even hard gespannen als bij de 6-jarige. Toen we nog even moesten wachten aan de schoolpoort, moesten we hem bijna vastbinden. Hij was niet te houden om terug naar zijn vrienden te gaan. De vakantie had duidelijk lang genoeg geduurd.

Ik moest helaas al snel vertrekken (anders hadden jullie geen regionieuws gekregen op Nostalgie vandaag en dat wilde je echt niet missen e :-) ), nog voor de klas echt begonnen was. De echte start heb ik dus gemist. Ook niet echt een ramp, want er stonden nog drie ouders en Mano was veel te druk bezig met de speelplaats te verkennen om er last van te hebben. Maar ja, ik heb er wel nog de hele dag aan lopen te denken.

Naar het eerste leerjaar gaan is echt wel speciaal, je bent gewoon geen kleutertje meer. Vandaag ben je bij je mama, maar ik heb gehoord dat je al ‘ik’ kan lezen. En morgen ga je ‘maan’ leren. En tegen Kerstmis kan je alles lezen. Alles. En volgende week, als je weer bij ons bent, gaan we samen huiswerk maken. Je wordt groot, that’s for sure.

We mochten trouwens van juf E. even mee in het klasje gaan kijken. De plaatsen waren al verdeeld, op elk bankje lag al een naamkaartje. Op dat moment was er even paniek. Want naast Mano lag geen naamkaartje met de naam van zijn beste vriend Mauro, maar wel eentje met de naam Yana.

“Oh nee, ik moet naast een meisje zitten. Eikes, naast een meisje.”


(Wedden dat je daar nog op terugkomt lieve schat, als je nog wat groter bent?)

 

 
Follow

Get every new post delivered to your Inbox.