Sofinesse

Een blik in mijn leven, op het leven, op de wereld en alles wat daar rond staat te springen

Zo vierde ik mijn verjaardag op Nostalgie, met vèèèèèl snoep februari 21, 2011

Gearchiveerd onder: Want zo ben ik,Werk — sofinesse @ 7:23 am

Voor ik de doelgroep van Nostalgie zal bereiken, moeten we nog wat geduld hebben, zo’n acht jaar

Maar vandaag kom ik toch al een stapje dichter, want ik verjaar

De kaap van de dertig begint stilaan te zwaaien

Met “je ziet er amper 23 uit” kan je me dus nog stevig paaien

Soms wordt het me wel een beetje te machtig,

Maar dat is normaal, ik ben dan ook een kind van de jaren ’80

Vandaag ga ik heel hard “fuck the diet” roepen

En ongebreideld van al dat lekkers op de toog snoepen

In ouder worden heb ik niet zoveel zin

Maar op Nostalgie is het niet erg

Want hier ben ik nog altijd de benjamin!

 

Love and loss februari 12, 2011

Gearchiveerd onder: Kind en gezin,Liefde,Want zo ben ik — sofinesse @ 12:13 pm

Ja, het is hier leuk met een nieuw superlief. Ja, het voelt goed om weer geliefd te zijn en lief te hebben. Maar er is hier ook gemis, groot gemis.

Weet je, tot drie maanden geleden dacht ik bij alles en nog wat aan de zoon (de ex-pluszoon nu). Hoe ziet mijn agende eruit, hebben we opvang, heeft hij nog genoeg broeken die passen, heb ik vers fruit in huis, waar ligt zijn zwemzak, is zijn huiswerk al gemaakt. Heb ik hem vandaag al een dikke knuffel gegeven? Dat soort dingen. Kleine dingen, maar ook grote dingen. Je denkt gewoon altijd in termen van het gezin, nooit meer voor jezelf alleen.

Hij is niet mijn kind, maar ik heb hem in mijn armen gesloten. En mijn leven helemaal omgegooid voor hem. Dat ging vanzelf, zoiets heet (plus)moederliefde denk ik.

Maar nu is het allemaal op een afstand. Ik hoor dat hij het goed doet, dat hij nu al AVI 4 gehaald heeft bijvoorbeeld (trots dat ik ben, niet te doen) en dat hij met zijn talenten weer nieuwe mensen aan het inpakken is. Ik hoor hem uiteraard af en toe aan de telefoon en ik kijk al reikhalzend uit naar onze volgende ontmoeting. Maar ik mis ook, big time.

Ik mis het om hem ‘s morgens uit zijn bed te halen en protest te krijgen “Nog een minuutje Sofie, nog één minuutje, alsjeblief”. Ik mis het om samen aan de ontbijttafel te zitten en de komende dag te bespreken. Om hem vijf keer te horen vragen “we zijn toch nog niet te laat voor school he? Want ik wil nog veel spelen met mijn vriendjes”. Ik mis het om kleren voor hem uit te kiezen, die hem nog cooler of nog schattiger maken. Ik mis het om hem van school te gaan halen en huiswerk te maken. Om met de aapjes te spelen of met de bierkaartjes. Om samen naar een film te kijken, en hem dichter tegen me aan te voelen kruipen.

Ik mis het zo geweldig hard om zijn plusmama te zijn. Om voor hem te zorgen.

Ik mis dat ventje zo intens, dat kunt ge niet geloven.

 

Genant en al januari 31, 2011

Gearchiveerd onder: Er zijn zo van die dingen,Want zo ben ik — sofinesse @ 5:02 pm

Dus ik ging daarstraks tanken. Dat is wat een mens doet als het reserve-lampje bijna brandt. (Ok, ik geef toe, ik doe het altijd al als ik nog een streepje over heb, wegens panische angst om stil te vallen – Ik weet zelfs niet hoe mijn reservelampje brandt, maar toch, het was dringend tijd)

Ik heb een grondige hekel aan tanken en niet alleen omdat het schandalig duur is. Ik ben gewoon niet goed met dat ding, met dat pistool. Ik krijg dat nooit op een deftige manier in het gaatje, laat staan dat ik dat klepje omhoog krijg zodat het automatisch gaat. Ik klungel, elke keer opnieuw. Ik vind het gewoon een mannenzaak (Ja lieverd, dat is kei hard een tip – en een schop onder uw kont om uw rijbewijs te halen).

Maar ik stond dus aan een godverlaten Maes (ge weet wel, van die marginale rood-met-groene tankstations die er ietwat goedkoop uitzien), helemaal klaar om de auto vol te gooien. Het hele “bankkaart – kies diesel – kies pomp – geef uw code – later kan u een ticket nemen” – gedoe had ik gedaan. Ik stap dus naar de pomp. Ik open het tankklepje.

Correctie, ik probeer het tankklepje te openen. Want op de een of andere manier wil dat ding voor geen meter openen. Ik trek en sleur, praat ertegen, steek mijn ijskoude vingers er tussen, mijn sleutel_en_begin_uiteindelijk_lichtjes_te_panikeren.

Ah ja, want niet tanken dat betekent niet kunnen rijden. Dat betekent dat ik met de trein ga moeten gaan werken, wat een gigantisch tijdverlies betekent. Ik zie mijn hele schema in duigen vallen, ik zie mezelf in gigantische kosten vallen, ik kijk angstig rond of er geen macho is die ik durf aan te spreken. Ik neem bijna mijn gsm om in paniek naar T. te bellen (die daar uiteraard niks aan kan doen, tenzij mij kalmeren) of naar R. (mijn garagist, die ik redelijk persoonlijk ken) of gewoon naar ons moeke (omdat moeders op dat moment ineens komen bovendrijven). Ik trek en sleur nog een laatste keer, maar krijg er geen beweging in.

Ik raap al mijn moed bij elkaar en stap de bijhorende Toyota-garage binnen. Horend bij het rood-groene licht marginale tankstation. Ik rijd niet met een Toyota voor alle duidelijkheid, ik ben die garage ook nog nooit binnengestapt. Maar op dit moment zie ik geen andere mogelijkheid.

Ik leg aan de dame van de receptie uit dat ik mijn tankklep niet open krijg. En dat me dat nog nooit is overkomen, tss.

Ze kijkt me bedenkelijk aan. Met een blik van - ja madammeke, dat heeft een rijbewijs gehaald maar dat kan nog geen tankklep opendoen. Waar gaat dat naartoe met de wereld?-  Maar ze gaat toch om een machokerel, om mij ter hulp te schieten.Ik leg het probleem nog een keer uit aan de man, die eventjes over de haag springt om mij te redden. Ik denk nog, die gaat daar gereedschap moeten bijhalen om dat ding open te krijgen en er gaat zeker beschadiging van komen. Dat denk ik nog.

De man loopt naar mijn auto. En doet dat klepje open. Alsof het niets is.

 *Sofie rolt met haar ogen*

Kijk, dat heb ik dus altijd voor e. Bij mij gaat het niet en als ik er iemand bij roep dan werkt het ineens wel. Het is een mirakel, tss.

 

Die man van de garage, die kan vast weer een grappig verhaal vertellen terwijl hij morgenmiddag zijn bokes sopt in zijn koffie. En het gaat vast niet over dat madammeke die haar tankklep niet meer openkreeg. En die hij even gered heeft, de held. Vast niet.

 

Van zweten en blote mensen januari 28, 2011

Gearchiveerd onder: Er zijn zo van die dingen,Want zo ben ik — sofinesse @ 8:27 pm

Er zijn drie soorten mensen: mensen die graag naar een saunacomplex gaan en geen punt maken van de blootheid die daarbij komt kijken, mensen die daarvoor te preuts zijn en liever veel geld neertellen voor een klein privé-geval en mensen die gewoon niet houden van zweten en toebehoren. Ik concentreer me even op de eerste twee soorten.

Ik weet niet bij welke groep u hoort, maar ik absoluut bij de vrij en blij’en. Ik zwier mijn leven grotendeels op het internet, dat soort blootgeven gaat al vlot, maar ik speel dus even makkelijk mijn kleren uit om te zweten. U had uiteraard niet anders verwacht. Pas op, ik ben niet dom, ik weet ook wel dat iedereen daar in zijn blootje rondloopt. En ik zal niet zeggen dat ik niet rondkijk, maar dat is niet op een – hoe zal ik het zeggen – seksuele manier of zo. Het is gewoon grappig om de verschillende ‘formaten’ te zien die er rondlopen (ge hebt dat dus werkelijk in alle vormen he. Krom, recht, kort, lang, worst, stompje, oerwoud – grappig – daar moet dringend een studie over gemaakt worden), om te merken dat de meeste vrouwen geen cellullitis-vrije kont hebben en te zien dat iedereen anders is maar uiteindelijk ook gewoon hetzelfde. Comforting, believe me. Good for the confidence, absolutely. En zo bevrijdend, ge hebt er geen idee van.

Bovendien is het gewoon echt geen fijn gevoel om te zweten voor dood met badkleding aan. (Wat een vreemd woord eigenlijk ook ‘badkleding’, alsof ik ooit kleren draag als ik in bad ga. Hoe raar zou dat wel niet zijn?). En bij de meeste saunacomplexen is er ook een zwembad (als dat er niet is, zoek u een ander complex) en er is gewoon niks zo heerlijk als skinny dippy. Dat is een gigantisch gevoel van vrijheid.

Ik ga nog door met voordelen. Want het woord saunacomplex impliceert dat er veel te beleven valt. Meer dan een sauna en een koude douche. Voor een zachte prijs mag je de hele dag rondhangen (en je krijgt die dag makkelijk gevuld) en gebruik maken van verschillende dingen. Zo zijn er bio-sauna’s, hete sauna’s, kruidensauna’s, Turkse stoombaden, bubbelbaden, infraroodsauna’s, opgietsessies, zwembaden met verschillende temperaturen…(Ik hoef niet verder te gaan, u bent overtuigd? – als u maar weet dat ik nog kan doorgaan, nog heel lang)

In zo van die privé-sauna’s hebt ge meestal maar 1 ding (namelijk een sauna) en moet ge na maximum twee sessies weg, want ge hebt massaal veel geld betaald om amper twee uur van die hitte te genieten.

Kijk, als ge romantisch met uw lief wilt zitten doen, doe maar. Maar ik vind dat zot veel geld om dat dan in een privé-sauna te doen. Als ik in de sauna kàn gaan, dan wil ik ook in de sauna. Andere activiteiten doe ik wel op andere moment en op een andere plaats. Volgens mij doet iedereen het trouwens in zo’n privé-sauna, denk daar maar eens aan de volgende keer. Moehaha. En ik snap het zelfs ook nog dat ge niet voor iedereen in uw blootje wilt gaan staan. Maar naaktheid is daar gelijk anders of zo.

Allez, om een lang verhaal kort te maken. Ik ben fan van wellnescomplexen. Ik heb net de hele dag met fantasisch gezelschap voor 23 euro rondgehangen in zo’n bijzonder fijn complex. Ja, met vrienden. Ja, ik heb die naakt gezien. En nee, dat was niet raar.

Ik ben wel zalig ontspannen, mijn vel voelt ongelooflijk zacht aan en het bloed tintelt door mijn lijf (al kan dat ook met zware verliefdheid te maken hebben, uhum)

En het was maar een klein beetje schrikken toen er een man binnenstapte, die sprekend op mijn baas leek. Hij was het niet, thank God, hij was het niet.

 

Ideaal januari 23, 2011

Gearchiveerd onder: Er zijn zo van die dingen,Liefde,Want zo ben ik — sofinesse @ 6:48 pm

Ik zit al een tijdje in mijn hoofd met een blogpost over de ideale man. En aan welke eisen die dan voor mij zou moeten voldoen. Zo gewoon, puur hypotethisch en zo. Want uiteraard weet ik dat ideale mannen niet bestaan. En ben ik daar waarschijnlijk zelfs blij om, want ge kunt u dan alleen maar slecht beginnen te voelen over uw eigen minpunten. En  die hebt ge, ontken het maar niet.

Vooral  als ik in de auto zit, de radio met een vette schijf loeihard is gedraaid en ik probeer vanuit de chauffeurszetel dansbewegingen te forceren. Vooral dan. (Het is geen gezicht en ge moet heel erg hopen dat ge niet aan het rode licht komt te staan, want dat is dubbel belachelijk – zeker als ge dan nog zou zitten mee te zingen en al, behoorlijk genant. Ik spreek uit ervaring).

Maar op zulke momenten begin ik na te denken over de ideale man. Dus hier komt ie:  (niet noodzakelijk in die volgorde)

Voorwaarde 1: humor

Ik val als een blok voor humor. Het prikkelt mijn lijf en mijn zinnen. Ik kan niet zonder. Een man maakt geen schijn van kans, als hij me niet aan het lachen brengt. Zijn aantrekkingskracht wordt vooral daardoor bepaald.

Voorwaarde 2: Gent

In al mijn relaties  (dat klinkt alsof ik er duizend gehad heb, maar eentje van zes jaar en eentje van anderhalf – dat is wat er op de teller staat) ging het fout als het over Gent ging. Mijn eerste ex wilde niet in Gent wonen (en heeft me uiteindelijk buitengezet omdat ik niet naar de kerktoren wilde verhuizen), mijn tweede lief kon niet naar Gent verhuizen (vanwege de zoon, wat ik uiteraard begreep, maar wat niettemin pijn deed). En ik wil echt niks liever dan hier oud worden. Ik ben zo verliefd op Gent als Tristan op Isolde of Romeo op Julia. Ik heb het nogal zwaar zitten, zouden we kunnen besluiten. Ik voel mij hier gewoon te blij en te gelukkig omdat nog op te geven.

Voor mijn moeder is het duidelijk. Sofie, ik wil gerust nog een schoonzoon aannemen, maar hij mag hier niet meer binnen als hij niet a. In gent woont of b. Niet meteen naar Gent wil verhuizen. Mijn moeder is mijn gezaag beu. Ze weet dat Sofie op het platteland steken, gelijk staat aan de eerste latjes van mijn doodskist bestellen. It is just not my cup of tea.

Voorwaarde 3: Respect

Dat is gewoon de basis van alles. Respect voor elkaar. Ik heb al een beetje  met vallen en opstaan moeten leren, dat het gewoon niet altijd zo is. En dat die mannen mij gewoon niet waard zijn. Zonder respect kom je niet ver, ook al probeer je heel erg hard.

Ok, dat zijn dus echt de basisvoorwaarden. Zonder die dingen begin ik er gewoon niet aan. Als in NIET.

Een geweldig toffe kerel die mij graag tussen weilanden, koeien en een vrijstaand huis wil stoppen. Sorry maat, in een ander leven. Een adonis die niet weet wat ik bedoel als ik over gevoelens spreek, adieu. Een kerel die de mooiste ogen van de wereld heeft, maar die vooral zelf met zijn grapjes moet lachen, het spijt me.

Maar er is meer. Uiteraard is er veel meer. Maar ik heb zelfs geen zin meer om er over te schrijven, zelfs niet om er over na te denken. Over alle dingen die ik wil in een man.

Dat komt. En hou u goed vast.

Omdat ik knalverliefd ben geworden.

En ik niet alleen.

 

Da mag nie ze januari 21, 2011

Gearchiveerd onder: Er zijn zo van die dingen,Rapporteren,Want zo ben ik — sofinesse @ 6:45 am

Ik ben van de week naar het autosalon geweest. Nee, ik ben geen autochick, maar ik rij wel echt graag. Ik weet niet waar de juin de coulash ligt, ik weet niet hoe ik olie moet verversen en ik bel VAB als ik platte band heb. En ik kan ook niet parkeren. Zelfs de cursus van Mark Van Damme heeft me niet over alle angsten geholpen. Ik kan het nog steeds alleen maar als er echt niemand kijkt. En het gat groot genoeg is. Uiteraard.

Maar een beetje cruisen vind ik dus wel de max. Mijn eigen auto doet dat niet slecht, maar ik ben vooral in de wolken als ik met de Mini van Nostalgie mag rijden. Want een Mini Cooper, dat is een vinnig ding. Dat ding heeft een baanligging die u zin doet krijgen in stevige bochten en trekt op zoals een muis die in een gatje in de muur verdwijnt nog voor ge er erg in hebt. Snel dus, heel snel.

Wij dus naar het autosalon. Wij, als in nonkel J. en ik. En wij stonden al gauw in de file. Ten tijde van het autosalon ben je niet de enige die naar de Heizel rijdt. En het wordt alleen maar erger als die autosalonfile een beetje vermengd wordt met een beginnende avondspits. Stilstaan was het.

Nu ik weet, als vrouw moet ge u niet te veel moeien als ge op de passagierszetel zit, ge kunt dat toch nooit beter weten/kunnen. Maar daar is wel één uitzondering op. Ik ken namelijk de weg. Daar zijn twee redenen voor. Ik heb geen gps en moet dus vertouwen op mijn oriëntatie en herinnering (ik ben kei mannelijk op dat vlak, mijn oriëntatiegevoel is meestal top) én een belangrijk onderdeel van mijn job is het verkeer.

Ja, ik ben al vier jaar (onder andere) een verkeersmeisje. Soms durf ik zelfs al eens zeggen dat ik een fetisj heb voor het verkeer. Want dat moet juist zijn. Er is toch niks zo vervelend als in een file staan die dan op de radio verkeerd - of nog erger – helemaal niet wordt genoemd. Dat is om die van de radio een paar djoefs op haar muile te verkopen en dat willen we vermijden. Maar uiteraard zijn er bij een verkeersfetisj ook neveneffecten. Zo ken ik alle Vlaamse E-wegen uit mijn hoofd, met bijna alle afritten (uiteraard ook grotendeels in de juiste volgorde). Daarbovenop weet ik welke files normaal zijn en welke niet. Wat structureel is en wat niet. Mensen bellen mij soms om te vragen hoe ze best kunnen rijden. Of hoe lang het gaat duren. Ik ben een klein beetje een wandelende GPS. Gecombineerd met mijn intens verlangen om GPS-stem te worden, kunnen we besluiten dat het raar is, ik besef het.

Maar soit, ik stelde dus voor om een andere weg te nemen. Eentje waarvan ik redelijk zeker was dat die ons ook tot op het autosalon zou brengen, maar dan zonder aanschuiven. Getwijfelel bij de chauffeur. Kan een vrouw het meer bij het rechte eind hebben dan mijn gps? Dat_is_toch_niet_mogelijk? Maar omdat we toch maar stilstonden en de tijd zagen wegtikken, besloot uncle J. mij maar te geloven.

En het was een winner, al had ik wel meteen een kleine inschattingsfout gemaakt bij de eerste afrit. Die hadden we namelijk moeten nemen, maar ik was niet helemaal zeker. Door die te missen zaten we ineens in den hof van de koning. Dicht bij de bestemming, dat wel, maar toch ook niet helemaal juist. Maar we zagen waar we naartoe moesten. We moesten maar juist een grasveldje over, echt de moeite niet.

En toen.

Hebben we een nadartje opzij gezet, door den hof van de koning gesjeesd en een bareeltje omhoog gezet.

Ook al mag da nie.

Maar ik vond dat wel coo-hool.

 

Sprookje januari 20, 2011

Gearchiveerd onder: Mens erger je niet!,Want zo ben ik — sofinesse @ 7:25 am

Er was eens een man die altijd eerlijk was.

The credits zijn hierboven voor Herman De Coninck. Maar het komt meteen tot de kern van de zaak, altijd eerlijk zijn dat is niet mogelijk. Dat is volgens mij zelfs gevaarlijk.

Maar toch. Ik probeer het wel. Tot met-mijn-kop-vaak-tegen-de muur-lopen toe. Want ik heb een probleem, ik ben een beetje te eerlijk. De uitdrukking “uw gezicht spreekt boekdelen” is zo ongeveer voor mij uitgevonden.

Laten we duidelijk zijn, ik vind eerlijkheid één van de allerbelangrijkste waarden van het heelal. Bij mij kan er veel, zolang het maar out in the open is. Geen doofpot, geen gedoe, gewoon de waarheid. En die kan soms hard zijn en soms een beetje verbloemd worden voor de goede zaak, maar die blijft in de kern altijd de waarheid.

Ge kunt er dus zeker van zijn dat als ge aan mij vraagt “Wat vindt ge van mijn nieuwe kapsel?”, dat ge echt gaat weten wat ik van uw kapsel vind. Ik ga waarschijnlijk niet zeggen “het ziet er alsof ge juist uw bed gestapt bent en daar 320 V op stond en ge daarna onder een pot verf bent gelopen.”. Maar wel dat het misschien niet bij de vorm van uw gezicht past of dat ik veel meer fan was van het vorige. Of dat het wennen is, maar dat ik het oprecht mooi vind. Wat ik dan ook echt meen.

Ge kunt mij ook gerust mee nemen op een shoppingtrip. En niet alleen omdat ik alle regels van Trinny&Susannah ken en plezant in de omgang ben. Omdat ik u gewoon zeg, nee, dat staat u echt niet. Wat ik meteen constructief goed maak met een ander voorstel dat u wel zou staan én bovendien immer budgetvriendelijk zal zijn. Geef toe, dat is een winner.

En ja, natuurlijk roddel ik ook. (Hallo, ik ben een vrouw – ik ben genetisch belast met het roddelgen). Maar ge gaat mij er niet op betrappen dat ik het in uw gezicht anders zeg. Ook de uitdrukking “man en paard zeggen” is voor mij uitgevonden (Gek he, dat ze zoveel jaren geleden al wisten dat ik zo ging zijn en dan speciaal al een zegswijze hebben uitgevonden)

Eerlijk waar, ik ben voor eerlijkheid. En openheid. Zelfs een beetje te veel volgens de gangbare normen. Maar ik ben wie ik ben, altijd en overal. Take it or leave it.

Helaas merk ik dat het op sommige momenten dat niet zo goed past, dan moet je professioneel zijn of is het veel slimmer om gewoon te zwijgen of moet je opletten wat je tegen wie zegt, want niet iedereen is eerlijk.

Het is soms echt heel vermoeiend om eerlijk en open te zijn. Mensen vinden dat het niet hoort. Want we zijn opgegroeid in een maatschappij waar je je ogen moet sluiten.

Nee, ik zeg niet op wie ik stem. Nee, ik laat niet zien dat ik het misschien een beetje moeilijk heb, want dat hoort niet. Nee, de geestelijken met een hoek af hebben niks verkeerd gedaan, ze handelden uit liefde voor God. (En liefde voor het kind of wat?). Nee, ik zeg niet dat ik graag de Story lees want het is cooler om te zeggen dat ge Knack-lezer bent. Nee, ik zeg niet hoeveel ik verdien. Nee, ik zwijg.

Excuse me.

Ik vind dat allemaal dikke zever.

Recht door zee. Eerlijk duurt het langst.

 

Naakt januari 17, 2011

Gearchiveerd onder: Want zo ben ik — sofinesse @ 8:53 pm

Ik heb niet bepaald een goeie band met ringen.

Ik zal het hier daarom niet hebben over de ring die ooit aan mijn vinger geschoven werd met een bepaalde betekenis. Ik zal het ook zeker niet hebben over het feit dat hij nog niet eens aan mijn pink paste en dat dat redelijk genant is. En nog minder over het feit dat het er met de betekenis van die ring nooit echt iets gebeurd is. Ik had het moeten weten toen de steen eruit viel, dat er eigenlijk iets loos was. Ex(it).

Soit, ringen en ik. Geen geweldige combo. Tot een paar kerstmissen geleden. Ik heb toen van twee schoonmoeders geleden (ik heb er (voorlopig) nog maar twee versleten, voor u begint te denken dat ik rondscharrel met schoonmoeders) een prachtexemplaar gekregen. Werkelijk, een prachtexemplaar. Ik draag hem dus altijd aan mijn linkerringvinger, zonder voel ik me een beetje raar. Hij gaat alleen maar uit als ik ‘vuil werk’ moet doen (en ja, ik doe mijn vuil werk zelf, tss), slaap (mijn vingers zwellen dan soms een beetje op en dat is geen aangenaam gevoel) of een bad neem (dan heb ik graag mijn hele lichaam vrij op de een of andere manier. Ge moet daar verder niks vreemd achter zoeken.)

Maar ik ben mijn geweldige ring dus drie dagen kwijt geweest. Drie dagen. 72 uren. zZonder ring aan mijn linkerringvinger. En dan zit ik daar de hele tijd aan te voelen, aan iets wat er niet is. Fantoompijn als het ware. En dat is voos. Want dan voel ik mij gelijk zo naakt.

Ik wou gewoon een provocerende titel. Wedden dat er veel mensen via deze zoekterm hier terecht gaan komen. Terwijl ze – laat ons zeggen – ‘iets anders’ hadden verwacht.

Ik heb hem trouwens net teruggevonden. En ik voel me nu weer helemaal aangekleed. Lekker.

 

Rommeltje januari 12, 2011

Gearchiveerd onder: Er zijn zo van die dingen,Thuis en al,Want zo ben ik — sofinesse @ 5:08 pm

Ik heb van’t weekend serieus gepoetst. Van het soort met de broek opgerold, semi-onflatterende maar comfortabele kleren, haar achteloos bij elkaar gepakt en veel chaos. (Van het soort dat ge er eigenlijk niet uit ziet, maar ergens ook een geweldig sexy gevoel hebt – zo achteloos was dat haar nu ook niet bijeengepakt, tss).

Ik ben voor the full monty gegaan (en dat heeft absoluut niks te maken met naakt kuisen, wat in de zomer best een leuke bezigheid kan zijn – of in de winter, als ge verwarming hebt). Alle kasten uitgekuist, herschikt, veel weggegooid (met dat laatste heb ik trouwens altijd veel last, maar met een appartement van 35m² moet een mens streng zijn voor zichzelf) en alles is spik en span. Het is buiten 12 graden en een mens verzet ineens bergen werk, wat gaat dat niet geven als ik binnenkort echt verwarming heb. (Pas maar op, ja)

Ik geef het toe, ik kan eigenlijk niet zo goed georganiseerd poetsen, ik zit de hele tijd dingen te verzetten. Als ik er echt aan begin – aan ‘ne grote kuis’ – dan kan het makkelijk een hele dag duren (in zeldzame gevallen zelfs langer dan een volledige dag). Dat kan aan mij liggen, maar kuisen in een kleine ruimte is gewoon onpraktisch. En ik word ook vaak een beetje nostalgisch, als er bepaalde dingen ineens weer opduikelen, zomaar temidden van mijn kuiswoede.

Zo vind ge plots een kledingstuk van het kind dat tot voor kort nog uw pluszoon was, een hotelbandje van de eerste vakantie met uw eerste lief in Turkije (waarom houdt een mens zoiets bij eigenlijk?), uw agenda van 2010 (die al weken kwijt was en waar nog belangrijke documenten in zaten -oef) en andere ‘dingen’. Dingen waar ge soms moet bij gaan zitten. Om ze even aan te raken, te bekijken, te strelen, te koesteren. Om even terug te gaan naar het moment, waar dat bepaalde ding symbool voor staat. Na een kleine meewarige zucht verdwijnt het dan ofwel in de vuilnisbak, ofwel in een doos waar ge niet zo vaak in kijkt – maar die wel (nog) nodig is.

Zo wordt opruimen en poetsen in uw huis, hetzelfde in uw hoofd. In mijn hoofd. Ik ga door allerlei fases in mijn leven, ik voel dat sommige dingen een plaats gekregen hebben en andere dingen hun plek nog niet gevonden hebben. Misschien bij een volgende aanval van extreme properheid. Misschien.

Het moment dat alle rommel begint te verdwijnen en de geur van Mr Proper zich in uw neusvleugels nestelt, het moment dat een lege heerlijke zetel naar u ligt te lonken…op dat geweldig moment. Blijf ik altijd zitten met een rommeltje. Zo wat papieren, gedoe, prullen waar ik even niks mee aan weet.

Gelukkig is speciaal daar voor de rommelschuif uitgevonden.

Gelukkig voor mijn hoofd.

 

Yep, it was me januari 10, 2011

Gearchiveerd onder: Er zijn zo van die dingen,Want zo ben ik,Werk — sofinesse @ 9:23 pm

Deze post is alleen interessant voor mensen die de eerste aflevering van Basta gezien hebben. Het nieuwe programma van Neveneffecten. Het programma waarin ze dingen op de korrel nemen. En tevens het programma waar ik één van de korrels was.

Inderdaad, de redactrice van Nostalgie die zei “als u het geen 30 keer zegt, dan kunnen wij daar mee leven”. Dat was ik. Ik herinner het me nog, ik voelde toen al aan mijn water dat er iets louche aan was. Maar bon, ik heb me laten inpakken. Dus proficiat jongens van neveneffecten. (waarvan ik een deel dus werkelijk persoonlijk ken – van uw vrienden moet ge het hebben. Chapeau dat ze het hebben kunnen verzwijgen)

Ik bekijk het maar zo, ik ben op nationale televisie geweest (mijn carrière is gelanceerd nu, dus bel maar bazen van de tv) en er is massaal veel gratis reclame geweest voor Nostalgie op de VRT (dat zouden wij anders nooit kunnen betalen, deuheu).

Ik had trouwens net Bernard Onghena aan de lijn, van Future Fashion. Om zich toch een heel klein beetje te excuseren. Maar het is u vergeven. (Zelfs toen ge zei, doe de groeten aan J. Nu toch al twee maanden niet meer mijn lief). Ik heb eigenlijk heel hard moeten lachen.

Basta dus, een nieuw topprogramma.

Ondergetekende

Sofie

van Nostalgie

de naïeve lompe doos die zich door de neven heeft laten inpakken. Maar stiekem wel vereerd is.

 

 
Volg

Get every new post delivered to your Inbox.